Op 26 augustus 2020 stichtte de verdachte opzettelijk brand in een slaapkamer door open vuur in aanraking te brengen met een stoffen stoel, waardoor brand ontstond en gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor bewoners van de instelling te duchten was. De rechtbank Overijssel heeft dit feit bewezen verklaard op basis van de bekennende verklaring van verdachte en forensisch brandonderzoek.
De officier van justitie en de verdediging waren het eens dat verdachte het feit heeft begaan, maar pleitten beiden voor ontslag van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid. De rechtbank baseerde zich op psychiatrische en psychologische rapporten waaruit bleek dat verdachte leed aan het velo-cardo-faciaal syndroom (VCFS) met ernstige psychotische symptomen, een verstandelijke beperking en bijkomende stoornissen, waardoor hij niet in staat was zijn gedrag te overzien of te beheersen.
De deskundigen concludeerden dat verdachte ten tijde van het delict in een psychotische toestand verkeerde en dat het feit hem niet kan worden toegerekend. De rechtbank volgde dit advies en ontsloeg verdachte van alle rechtsvervolging. Tevens werd een zorgmachtiging verleend voor klinische opname en behandeling. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven, maar verdachte blijft gedetineerd in afwachting van plaatsing in een kliniek.
De rechtbank verklaarde het bewezen verklaarde strafbaar, sprak verdachte vrij van overige tenlasteleggingen en nam een zorgmachtiging op grond van de Wet forensische zorg. Het vonnis werd uitgesproken op 31 mei 2021 door de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel.