Pre-Active B.V. werd op 21 december 2016 failliet verklaard en vervolgens opgeheven en uitgeschreven uit het handelsregister. De voormalig curator verzocht de rechtbank om de vereffening te heropenen en hemzelf als vereffenaar te benoemen, omdat er aanwijzingen zijn voor bestuurdersaansprakelijkheid jegens de voormalig bestuurder [A].
De curator stelde dat [A] grote geldbedragen aan de vennootschap had onttrokken en dat de administratie gebrekkig was, wat ook door de belastingdienst was vastgesteld. Omdat de boedel destijds onvoldoende middelen had om een procedure te starten, werd dit niet vervolgd. Nu [A] bestuurder en enig aandeelhouder is van een andere winstgevende vennootschap, is verhaal mogelijk.
De rechtbank oordeelde dat de rechtbank Almelo bevoegd is en dat de curator ontvankelijk is. Er is voldoende aannemelijk gemaakt dat een vordering uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid mogelijk is en dat verhaal op het vermogen van [A] kan worden verkregen. De inhoudelijke aansprakelijkheid werd niet beoordeeld in deze procedure, omdat het verzoek zich richt op heropening van de vereffening.
De rechtbank besloot de vereffening te heropenen, de curator te benoemen tot vereffenaar en het salaris van de vereffenaar te berekenen volgens de ReCoFa-richtlijnen. Verzoek tot kostenveroordeling werd afgewezen omdat Pre-Active B.V. geen partij is in deze procedure. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.