Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- één of meerdere sleutelbos(sen) en/of
- enig geldbedrag, te weten ongeveer 429,55 euro,
in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan [naam] en/of Stichting vrienden van [kerk] , heeft weggenomen uit een woning gelegen aan te [adres 2] met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen sleutelbossen en/of enig geldbedrag onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en of verbreking en/of een valse sleutel, te weten door de deur van die woning te openen met een stuk plastic(flipperen).
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
meerdere sleutelbossen en 429,55 euro, die geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorden, te weten aan [naam] , heeft weggenomen uit een woning gelegen aan de [adres 2] met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
€ 429,55(zegge: vierhonderdnegenentwintig euro en vijfenvijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Het gevorderde betreft materiële schade, te weten de inhoud van een geldkistje die uit de woning van de benadeelde is meegenomen.
9.De vorderingen tenuitvoerleggingen
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) maanden;
€ 429,55(te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 september 2020) voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 429,55, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 september 2020 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van acht dagen kan worden toegepast, (een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van 3 maart 2020 van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
4 maanden (parketnummer 15/256085-19).
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van 8 maart 2018 van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, voorwaardelijk opgelegde
jeugddetentievoor de duur van
1 maand (parketnummer 15/258325-17
).