Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
1 primair
het misdrijf: poging tot doodslag
2 subsidiair
het misdrijf: mishandeling
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
1 primair
het misdrijf: poging tot doodslag
2 subsidiair
het misdrijf: mishandeling
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren;
€ 1.411,94 (zegge: veertienhonderd elf euro en vierennegentig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 november 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het onder 2 subsidiair bewezen verklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 1.411,94,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 november 2019 tot aan de dag der algehele voldoening, ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 24 dagen kan worden toegepast;