Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
1.
2.
3.
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
“onze zaken te regelen en te behartigen betreffende de reorganisatie van ons bedrijf”. [4] Op 20 januari 2015 heeft verdachte het bestuurderschap en de aandelen van [bedrijf 2] en [bedrijf 1] voor €1,00 overgedragen aan [naam 1] . [5] Verdachte had daarna geen bemoeienis meer met [bedrijf 2] en [bedrijf 1] , ook niet als feitelijk of indirect bestuurder. [medeverdachte] had de vertegenwoordiging van beide bedrijven op zich genomen en was betrokken bij de verkoop van de aandelen. Verdachte was niet aanwezig bij de overdracht van de BV’s bij de notaris en ook niet bij de overdracht van de administratie aan [naam 1] . Nergens blijkt uit dat verdachte na overdracht van de aandelen aan [naam 1] nog betrokken was bij de bedrijfsvoering. De rechtbank stelt vast dat verdachte als bestuurder van [bedrijf 2] en [bedrijf 1] kan worden aangemerkt in de periode van 1 juni 2014 tot en met 20 januari 2015, maar niet in de periode daarna. [bedrijf 2] is op
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9. De beslissing
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
100 (honderd) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
50 (vijftig) dagen;