Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
: poging tot doodslag.
Rechtbank Overijssel
Op 16 mei 2021 stak een 55-jarige vrouw uit Almelo haar zus met een mes in de hartstreek nadat zij haar had gebeld over opname op de psychiatrische afdeling. De vrouw leed aan schizofrenie en verkeerde in een psychose. De rechtbank stelde vast dat het primair ten laste gelegde feit, poging tot doodslag, wettig en overtuigend was bewezen op basis van verklaringen en proces-verbalen.
Deskundigen concludeerden dat verdachte ten tijde van het delict volledig ontoerekeningsvatbaar was vanwege een ziekelijke stoornis van haar geestvermogens. De psychotische stoornis was zo overweldigend dat zij het ongeoorloofde van haar handelen niet inzag en niet vrij was in haar wil. De reclassering bevestigde deze bevindingen en adviseerde behandeling binnen een zorgmachtiging.
De rechtbank volgde het advies van de deskundigen en ontsloeg de verdachte van alle rechtsvervolging. Tevens werd een zorgmachtiging verleend voor plaatsing in een forensisch psychiatrisch ziekenhuis voor een half jaar. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. De verdachte is sindsdien opgenomen en ontvangt intensieve psychiatrische zorg om recidive te voorkomen.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid en geplaatst in een forensisch psychiatrisch ziekenhuis.