ECLI:NL:RBOVE:2021:4535
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ontruiming huurwoning wegens onvoldoende bewijs overlast en tekortkomingen huurder
De Woningstichting De Woonplaats vorderde ontruiming van een huurwoning die zij verhuurt aan een huurder van 55 jaar en ouder, vanwege vermeende ernstige overlast, het ontbreken van vloerbedekking en vermoedens van heling en drugshandel. De klachten waren gebaseerd op anonieme meldingen van buurtbewoners en vermoedens zonder concreet bewijs. De huurder en zijn bewindvoerder betwistten de aantijgingen en stelden dat de meldingen niet controleerbaar waren en dat de woning inmiddels deels was voorzien van vloerbedekking.
De kantonrechter overwoog dat een voorlopige voorziening slechts kan worden toegewezen indien aannemelijk is dat in een bodemprocedure de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming zal worden toegewezen. De anonieme klachten konden niet worden gebruikt als voldoende bewijs, mede omdat er geen aanvullende bewijsmiddelen zoals politieverslagen of getuigenverklaringen waren. De vermoedens van drugshandel en heling waren niet onderbouwd en er was geen politieonderzoek gestart.
De kantonrechter achtte het onaannemelijk dat de ontbinding en ontruiming in een bodemprocedure zouden worden toegewezen op basis van het huidige dossier. De belangenafweging leidde tot afwijzing van de vordering, waarbij het woonbelang van de huurder zwaarder woog dan het belang van De Woonplaats. De stichting werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming van de huurwoning wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs.