ECLI:NL:RBOVE:2021:4748

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
17 december 2021
Publicatiedatum
17 december 2021
Zaaknummer
274582 KG RK 21-530
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens ontbreken aangewezen rechter

Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de behandeling van een bestuursrechtelijke zaak bij de rechtbank Overijssel. Hij klaagde onder meer over het ontbreken van een zaaknummer en het feit dat de behandelende rechter niet bekend was.

De wrakingskamer oordeelde dat het verzoek niet-ontvankelijk is omdat een wrakingsverzoek betrekking moet hebben op een specifieke rechter, terwijl in de onderliggende zaak nog geen rechter was aangewezen. Dit volgt uit het Wrakingsprotocol van de rechtbank Overijssel, waarin is bepaald dat verzoeken zonder betrekking op een aangewezen rechter direct niet-ontvankelijk kunnen worden verklaard.

Daarnaast wees de wrakingskamer erop dat een ander genoemd zaaknummer niet relevant was voor dit verzoek. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken en is niet vatbaar voor beroep.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat er nog geen rechter was aangewezen voor de zaak.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

Wrakingskamer
Zittingsplaats Zwolle
zaaknummer: 274582 KG RK 21-530
Beslissing van 17 december 2021
in de zaak van
drs. [verzoeker],
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker tot wraking.

1.De procedure

1.1.
Bij brief van 23 november 2021 (ingediend per e-mail) heeft [verzoeker] een verzoek tot wraking gedaan met betrekking tot de behandeling van de zaak die bij de rechtbank is geregistreerd onder zaaknummer ZWO 21/1996 BESLU.
1.2.
Vandaag beslist de wrakingskamer op dit verzoek.

2.Waar het verzoek over gaat

2.1.
[verzoeker] heeft op 13 oktober 2021 een brief gestuurd naar de afdeling Bestuursrecht van de rechtbank Overijssel. In zijn wrakingsverzoek beklaagt [verzoeker] zich over de manier waarop deze brief door de rechtbank Overijssel is behandeld. Onder meer klaagt [verzoeker] erover dat zijn zaak niet meteen een zaaknummer heeft gekregen en dat de rechter die zijn zaak behandelt niet bekend is.

3.De beoordeling van het wrakingsverzoek

3.1.
De wrakingskamer zal [verzoeker] in zijn verzoek niet ontvankelijk verklaren. De reden daarvoor laat zich als volgt omschrijven.
3.2.
Ten behoeve van de behandeling van een verzoek tot wraking is het Wrakingsprotocol van de rechtbank Overijssel opgesteld. Dit protocol is voor iedereen te raadplegen, bijvoorbeeld via de website van rechtspraak.nl.
3.3.
In dit protocol is in artikel 5, lid 2 onder e, bepaald:
De wrakingskamer kan het verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting aanstonds ongegrond of niet-ontvankelijk verklaren: (…) e. indien het verzoek geen betrekking heeft op de met de behandeling van de zaak belaste rechter (…).
3.4.
In de zaak waarop de wraking van [verzoeker] betrekking heeft (ZWO 21/1996 BESLU) is nog geen rechter aangewezen die deze zaak zal behandelen. Dat houdt verband met het feit dat de griffier van de rechtbank eerst een brief aan [verzoeker] heeft gestuurd, waarin wordt gevraagd om zijn verzoek verder aan te vullen. Uit het wrakingsverzoek van [verzoeker] volgt dat hij dit verzoek van de griffier onterecht vindt. Wat hier ook van zij, dat verandert niets aan het feit dat er op dit moment nog geen rechter aan zijn zaak is toegewezen.
3.5.
[verzoeker] kan daarom niet in zijn verzoek tot wraking worden ontvangen. Een wrakingsverzoek moet immers betrekking hebben op het handelen van een specifieke rechter (of rechters) en dat is hier niet het geval.
3.6.
Ten slotte merkt de wrakingskamer op dat [verzoeker] in zijn verzoek ook heeft verwezen naar zaaknummer ZWO 21/1995 BESLU. Uit het verzoek blijkt echter niet dat het wrakingsverzoek ook op deze zaak betrekking heeft. Dit zaaknummer blijft daarom verder onbesproken in deze uitspraak van de wrakingskamer.

4.De beslissing

De wrakingskamer,
4.1.
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking.
Deze beslissing is gegeven door de mrs. U. van Houten, L.M. Rijksen en H.T. Pos in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 17 december 2021.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.