Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende in [woonplaats] ,
[B],
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
Rechtbank Overijssel
Partijen sloten een overeenkomst voor de bouw van een blokhut en carport. Na oplevering constateerde de opdrachtgever diverse gebreken, waaronder een scheefstaande blokhut en loslatend dak. De aannemer betwistte tekortkoming en stelde dat de opdrachtgever de overeenkomst had opgezegd, wat niet werd vastgesteld.
De rechtbank stelde vast dat de aannemer tekort was geschoten met betrekking tot de scheefstand, het dak, de hemelwaterafvoer en de carport. Scheuren in het hout werden niet als gebrek aangemerkt. De herstelkosten werden begroot op € 5.910, waarbij volledige vervanging van de constructies werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De aannemer mocht een deel van de openstaande aanneemsom verrekenen, maar meerwerk werd afgewezen wegens gebrek aan waarschuwingsplicht. Daarnaast werden buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente toegewezen. De aannemer werd veroordeeld tot betaling van € 6.345,11 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: Aannemer wordt veroordeeld tot betaling van € 6.345,11 schadevergoeding, rente en proceskosten wegens tekortkoming in bouw blokhut en carport.