ECLI:NL:RBOVE:2021:4968

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
28 december 2021
Publicatiedatum
9 februari 2022
Zaaknummer
9309807 \ CV EXPL 21-2631
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • S.J.S. Groeneveld - Koekkoek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:230l BWArt. 6:277 BWArt. 6:119 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering T-Mobile tegen Humanitas inzake kredietovereenkomst en schadevergoeding

T-Mobile heeft een vordering ingesteld tegen Humanitas, die optreedt als bewindvoerder over de goederen van een betrokkene, wegens een kredietovereenkomst. Na een tussenvonnis werd T-Mobile in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de naleving van informatieverplichtingen, de kredietwaardigheidstoets, de kosten van een papieren factuur en de grondslag van de schadevergoeding.

T-Mobile stelde dat zij aan haar informatieplicht volgens artikel 6:230l BW had voldaan en dat sprake was van een zacht krediet, waardoor een kredietwaardigheidstoets niet noodzakelijk was. Tevens werd de schadevergoeding gebaseerd op artikel 6:277 BW Pro en berekend volgens een rapport over ambtshalve toetsing. De vordering werd verminderd met de kosten van de papieren factuur.

De kantonrechter oordeelde dat T-Mobile voldoende had voldaan aan haar wettelijke verplichtingen en dat de kredietwaardigheidstoets terecht achterwege kon blijven. De hoofdsom werd vastgesteld op €883,21, met een afwijzing van de gevorderde wettelijke rente over een te hoge hoofdsom, maar toewijzing van wettelijke rente vanaf de dagvaarding en buitengerechtelijke incassokosten. Humanitas werd veroordeeld tot betaling van het totaalbedrag en de proceskosten.

Uitkomst: Humanitas wordt veroordeeld tot betaling van €923,21 plus wettelijke rente en proceskosten aan T-Mobile.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer : 9309807 \ CV EXPL 21-2631
Vonnis van 28 december 2021
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
T-MOBILE NETHERLANDS B.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
eisende partij, hierna te noemen T-Mobile,
gemachtigde: Van Es gerechtsdeurwaarders & incasseerders Rotterdam,
tegen
de stichting
HUMANITAS FINANCIELE HULPVERLENING,
in de hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van [betrokkene] ,
gevestigd en kantoorhoudende te Purmerend,
als formele procespartij in de plaats van:
[betrokkene]
geboren [1977] , wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij, hierna te noemen Humanitas,
vertegenwoordigd door Marlinda Troost.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 2 november 2021
- de akte na tussenvonnis van T-Mobile.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De verdere beoordeling

2.1.
De kantonrechter blijft bij hetgeen in voormeld vonnis is overwogen en beslist.
2.2.
Bij tussenvonnis is T-Mobile in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de volgende vragen:
  • heeft T-Mobile voldaan aan de verplichtingen van artikel 6:230l BW?
  • Moet de kredietwaardigheid van [betrokkene] worden getoetst of is er sprake van een “zacht krediet”, waarbij een kredietwaardigheidstoets achterwege kan blijven?
  • Waarom worden er kosten voor een papieren factuur in rekening gebracht?
  • Waar is de gevorderde schadevergoeding op gebaseerd?
2.3.
T-Mobile heeft bij akte zich uitgelaten over deze vragen. T-Mobile heeft gesteld dat een medewerker bij het sluiten van een overeenkomst in de winkel de mogelijke contractvormen bespreekt en vervolgens de conceptovereenkomst ter plaatse opmaakt. De conceptovereenkomst kon ter plaatse door [betrokkene] worden doorgelezen. Alle in de overeenkomst opgenomen informatie is getoond aan [betrokkene] voor het sluiten van de overeenkomst, aldus T-Mobile. T-Mobile heeft verder gesteld dat er sprake is van een zacht krediet, omdat er geen kosten zijn berekend voor het krediet. Vervolgens heeft T-Mobile gesteld dat artikel 6:277 BW Pro de grondslag vormt voor de gevorderde schadevergoeding en dat zij deze schadevergoeding heeft berekend aan de hand van het rapport Ambtshalve toetsing II/III. Tot slot heeft T-Mobile haar vordering verminderd met de kosten voor de papieren factuur voor een totaalbedrag van € 15,20.
2.4.
De kantonrechter is van oordeel dat T-Mobile voldoende heeft gesteld dat zij heeft voldaan aan haar wettelijke informatieplichten (artikel 6:230l BW). Verder volgt de kantonrechter T-Mobile in haar stellingen dat er sprake is van aan zacht krediet, zodat een kredietwaardigheidstoets achterwege kan blijven.
2.5.
Ten aanzien van de hoofdsom overweegt de kantonrechter als volgt. Naast de door T-Mobile doorgevoerde vermindering van eis, zal tevens een bedrag van € 15,20 aan kosten papieren factuur voor de factuur voor de maand juli in mindering worden gebracht.
Derhalve is een hoofdsom van € 883,21 toewijsbaar.
2.6.
De gevorderde wettelijke rente van € 23,68 zal worden afgewezen, nu deze is berekend over een te hoge hoofdsom, T-Mobile niet een renteberekening heeft overgelegd en het niet aan de kantonrechter is om een renteberekening te maken. De verdere wettelijke rente zal worden toegewezen over de kale hoofdsom vanaf de dag van de dagvaarding. De buitengerechtelijke incassokosten van € 40,00 zullen wel worden toegewezen.
2.7.
Humanitas zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van T-Mobile worden begroot op:
- dagvaarding € 89,44
- griffierecht € 507,00
- salaris gemachtigde €
124,00(1 punt x tarief € 124,00)
Totaal € 720,44.

3.Beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt Humanitas, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van [betrokkene] , om aan T-Mobile tegen bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 923,21, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 883,21 vanaf 3 juni 2021 tot de dag van betaling;
3.2.
veroordeelt Humanitas, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van [betrokkene] , tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van T-Mobile tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 720,44;
3.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.J.S. Groeneveld - Koekkoek, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 december 2021. (SK)