Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
(op [locatie] ) met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2]
2008, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt,
buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten (meermalen)
(telkens);
- die [slachtoffer] tegen zich aan heeft gedrukt/gehouden en/of op zich heeft
getrokken en/of gehouden,
- die [slachtoffer] heeft gezoend op de mond en/of wangen en/of
- op de buik van die [slachtoffer] heeft 'getrommeld'.
3.De voorvragen
- die [slachtoffer] tegen zich aan heeft gedrukt/gehouden en op zich heeft
getrokken en/of gehouden,
- die [slachtoffer] heeft gezoend op de mond en wangen en
- op de buik van die [slachtoffer] heeft 'getrommeld'.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van de benadeelde
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van
40 (veertig) uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast voor de duur van
20 (twintig) dagen;
niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij de rechter later anders bepaalt. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarden niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte:
bijzondere voorwaardedat verdachte:
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit en tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 112,36, (honderdtwaalf euro en zesendertig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 18 juli 2020 ten behoeve van de benadeelde en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 0 dagen kan worden toegepast;