Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
[slachtoffer]toebehoorde, heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
'stil gaan staan op een kruising',voor welk onderdeel hij vrijspraak heeft bepleit.
5en 6 meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5,163, tweede en zesde lid, en 176 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994).
5van de Wegenverkeerswet 1994.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
3 De gronden voor een straf of maatregel
8.De vordering na voonvaardelijke invrijheidsstelling
tegelijkmet de vordering tot schorsing van de voorwaardelijke invrijheidsstelling te worden ingediend. Daarbij komt dat de behandeling van deze vordering door de rechter op grond van artikel 6.6.21 in elk
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) maanden;
ontzegtverdachte
de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigenvoor de duur van
12 (twaalf) maanden;