Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [woonplaats] ,
Rechtbank Overijssel
Werknemer had een oproepovereenkomst als chauffeur/pakketbezorger bij werkgever en kreeg drie verkeersboetes voor rijden op een voetgangerszone na 11.00 uur. Werkgever hield deze boetes van het salaris in één keer in, waardoor het resterende loon onder de beslagvrije voet kwam. Werknemer, die onder bewind staat en in het WSNP-traject zit, kwam daardoor in financiële problemen en meldde zich ziek.
De kantonrechter oordeelde dat werknemer onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij mocht aannemen dat er een ontheffing voor de boetes bestond en dat werkgever niet aansprakelijk was voor de boetes. Wel was het onrechtmatig dat werkgever de boetes in één keer inhoudde, wat in strijd was met goed werkgeverschap.
Verder was onduidelijk of werknemer de arbeidsovereenkomst had opgezegd; de kantonrechter vond dat werkgever een onderzoeksplicht had en niet zonder meer mocht aannemen dat sprake was van ontslag. De ziekmelding werd geaccepteerd en werkgever werd veroordeeld tot loondoorbetaling tot het einde van het dienstverband, inclusief wettelijke verhoging en rente, minus reeds betaalde Ziektewetuitkeringen. Daarnaast moest werkgever de helft van de boetes terugbetalen. De proceskosten werden aan werkgever opgelegd.
Uitkomst: Werkgever moet loon doorbetalen, helft van boetes terugbetalen en proceskosten vergoeden wegens strijd met goed werkgeverschap.