Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[eiser 1] , en
[eiser 2],
Rechtbank Overijssel
Eisers, de moeder en stiefvader van gedaagde, vorderen een gebiedsverbod rondom hun woning en een contactverbod tegen gedaagde voor een periode van vijf jaar vanwege overlast en vernielingen veroorzaakt door gedaagde, die kampt met een drugsverslaving. Gedaagde is niet verschenen en verstek is verleend.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het opleggen van een contact- en gebiedsverbod een inbreuk vormt op fundamentele rechten, waardoor een hoge mate van aannemelijkheid van de feiten vereist is. Gezien de onweersproken stellingen over de overlast door gedaagde, wordt het belang van eisers erkend en de vordering toegewezen.
De rechter beperkt de duur van de verboden tot één jaar, omdat een periode van drie tot vijf jaar te lang wordt geacht, ondanks het begrip voor de wens van eisers dat gedaagde in die tijd hulp krijgt. Tevens wordt machtiging verleend om het vonnis met politie- en justitiële hulp ten uitvoer te leggen. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt voor één jaar een gebieds- en contactverbod opgelegd met machtiging tot tenuitvoerlegging door politie.