Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[belanghebbende 1] ,
2.[belanghebbende 2] ,
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De beoordeling
4.De beslissing
[minderjarige], geboren te [geboorteplaats 2] op [geboortedatum 2] ;
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde een verzoek tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van een minderjarige. Hoewel DNA-onderzoek was bevolen, weigerde de man hieraan mee te werken wegens mentale onmacht. De vrouw bevestigde onder ede dat zij in de conceptieperiode alleen geslachtsgemeenschap met de man had gehad en dat de man vermoedelijk de biologische vader is.
De bijzondere curator en de raad voor de kinderbescherming adviseerden om de man te dwingen mee te werken aan het DNA-onderzoek met een dwangsom, maar de rechtbank zag hier geen nut in gezien de weigering en het belang van het kind. De rechtbank achtte het voldoende aannemelijk dat de man de verwekker is op basis van verklaringen, uiterlijke kenmerken van het kind en het ontbreken van onderbouwing van de man voor zijn tegenargumenten.
De rechtbank stelde het vaderschap vast en veroordeelde de man tot betaling van de kosten van het DNA-onderzoek. De overige proceskosten werden gecompenseerd. De taak van de bijzondere curator werd beëindigd, maar kan herleven bij het instellen van een rechtsmiddel.
Uitkomst: Het vaderschap van de man wordt vastgesteld zonder DNA-onderzoek en hij wordt veroordeeld tot betaling van de DNA-onderzoeks kosten.