Op 13 augustus 2021 beëindigde het slachtoffer de relatie met de verdachte. Diezelfde dag mishandelde de verdachte het slachtoffer door haar met zijn vuist in het gezicht te slaan, wat leidde tot een blauw oog. In de daaropvolgende dagen bedreigde de verdachte het slachtoffer en haar partner herhaaldelijk telefonisch met de dood en zwaar lichamelijk letsel, met onder meer uitspraken als 'ik maak je af' en 'ik schiet jullie kapot'.
Daarnaast vernielde de medeverdachte, oom van de verdachte, met een kruissleutel het raam en de voordeur van de woning van het slachtoffer, waarbij DNA-sporen van de medeverdachte werden aangetroffen. Op 15 augustus 2021 vond een achtervolging plaats waarbij de bestuurder van de Opel Vectra, medeverdachte, met hoge snelheid en gevaarlijk rijgedrag een politievoertuig naderde. De verdachte zat op de bijrijdersstoel en stapte uit na de stopteken.
De rechtbank sprak de verdachte vrij van poging tot doodslag en medeplegen omdat onvoldoende bewijs was voor zijn betrokkenheid als bestuurder. Wel werd hij veroordeeld voor bedreiging met de dood en zware mishandeling, waarbij het bewijs overtuigend was. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 173 dagen op, gelijk aan de duur van het voorarrest, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis. De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende onderbouwing.