Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De beoordeling
11 juni 2021 aangetekend is verstuurd. Volgens verzoeker heeft mr. Vollebregt-Kuipers daarmee in strijd gehandeld met het bepaalde in de artikelen 7:4 en 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en kon zij na de zitting geen uitspraak doen. Verzoeker betoogt dat deze houding van mr. Vollebregt-Kuipers blijk geeft van vooringenomenheid jegens hem.