ECLI:NL:RBOVE:2022:1835
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning kind wegens niet-biologische vaderschap ondanks toestemming minderjarige
Een minderjarige, destijds 17 jaar, werd erkend door een man die niet haar biologische vader is. Hoewel zij destijds toestemming gaf voor de erkenning, was zij bekend met het feit dat de erkenner niet haar biologische vader was en was zij niet geïnformeerd over de juridische gevolgen.
Na echtscheiding tussen haar moeder en de erkenner is het contact volledig verbroken en voelt de minderjarige geen band meer met de erkenner. Zij verzoekt vernietiging van de erkenning en terugkeer naar de geslachtsnaam van haar moeder, met beroep op artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelt dat het belang van de biologische en maatschappelijke werkelijkheid zwaarder weegt dan de strikte termijn van artikel 1:205, vierde lid, BW. De erkenning wordt vernietigd, met instemming van moeder en erkenner, en de minderjarige draagt voortaan de achternaam van haar moeder.
De griffier wordt opgedragen na drie maanden en bij geen hoger beroep een afschrift van de beschikking aan de burgerlijke stand te zenden. De beschikking is openbaar en kan binnen drie maanden met tussenkomst van een advocaat worden bestreden bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De erkenning door de niet-biologische vader wordt vernietigd en de minderjarige draagt voortaan de achternaam van haar moeder.