Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
3.De beoordeling
4.De beslissing
niet-ontvankelijk.
Rechtbank Overijssel
Op 18 juli 2022 vond de mondelinge behandeling plaats van een machtigingsverzoek tot het aangaan van een saneringskrediet namens verzoekster. De kantonrechter heeft direct na de behandeling het verzoek toegewezen en de machtiging verleend.
Op 1 augustus 2022 diende verzoekster een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter die het verzoek behandelde. De wrakingskamer beoordeelde dit verzoek en stelde vast dat een rechter slechts gewraakt kan worden indien er concrete feiten of omstandigheden zijn die objectief de vrees voor partijdigheid rechtvaardigen.
Omdat het wrakingsverzoek pas na de uitspraak werd ingediend, oordeelde de wrakingskamer dat het verzoek niet-ontvankelijk is volgens artikel 5 lid 2 sub d van Pro het Wrakingsprotocol. De wrakingskamer verklaarde het verzoek daarom zonder inhoudelijke behandeling niet-ontvankelijk. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de uitspraak is ingediend.