ECLI:NL:RBOVE:2022:2764
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.H. Meijer
- M. van Berlo
- K.A. Schönbeck
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid bij hennepkwekerij in Steenwijk
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen een 52-jarige man die werd verdacht van het telen en aanwezig hebben van circa 1200 hennepplanten in een pand te Steenwijk in de periode van januari 2019 tot april 2020. De officier van justitie had hem medeplegen en medeplichtigheid aan deze hennepkwekerij ten laste gelegd.
Tijdens de openbare terechtzitting op 19 september 2022 namen de rechters kennis van de vorderingen van de officier van justitie en de verdediging. De verdediging voerde aan dat er onvoldoende bewijs was dat verdachte wist van de hennepkwekerij en dat hij geen criminele intenties had bij het verhuren van de units aan medeverdachten.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om wettig en overtuigend vast te stellen dat verdachte betrokken was bij het telen of aanwezig hebben van hennepplanten, noch dat hij medeplichtig was. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van betrokkenheid bij hennepkwekerij.