Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het procesverloop
- [de minderjarige] ,
- [A] , namens de raad.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
De minderjarige woont sinds 15 augustus 2022 in Nederland bij haar tante vanwege haar studie, terwijl haar ouders op de Nederlandse Antillen verblijven. De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om een tijdelijk voogd te benoemen, voorgesteld werd de tante.
De rechtbank oordeelt dat de ouders niet in de onmogelijkheid verkeren het gezag uit te oefenen. De ouders onderhouden dagelijks contact met de minderjarige via digitale middelen, dragen financieel bij aan haar verblijf en studie, en hebben een goede verstandhouding met de tante. De minderjarige is bijna 18 jaar en wil in Nederland studeren, maar bouwt geen toekomst op in Nederland.
De rechtbank stelt dat de wettelijke voorwaarden voor benoeming van een tijdelijk voogd, zoals bedoeld in artikel 1:253q juncto 1:253r BW, niet zijn vervuld. De ouders zijn bereikbaar en betrokken, waardoor het gezag adequaat wordt uitgeoefend. Het verzoek van de raad wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van een tijdelijk voogd wordt afgewezen omdat de ouders niet in de onmogelijkheid verkeren het gezag uit te oefenen.