Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
met betrekking tot het beroep op bewijsuitsluiting
[medeverdachte 2] , aangehouden. Verdachte had ten tijde van de aanhouding een hamer in zijn jaszak. Medeverdachte [medeverdachte 1] had een ploertendoder en boksbeugel bij zich en medeverdachte [medeverdachte 2] had een honkbalknuppel tussen zijn benen. Daarnaast was in het portier vak van de bestuurder van de personenauto een steekwapen (mes) voorhanden.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de
gevangenisstrafvoor de duur van 1
(één) maand;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
60 (zestig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
30 (dertig) dagen;