Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
andermanslijf, eerbaarheid en/of goed. Indien die vraag bevestigend beantwoord kan worden, moet worden bezien of het noodzakelijk was dat verdachte zich verdedigde (de zogeheten eis van de subsidiariteit) en of de manier waarop hij zich verdedigde, geboden was (de zogeheten eis van de proportionaliteit).