Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De beslissing samengevat
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
- dagvaarding € 127,43
- griffierecht € 487,00
- salaris gemachtigde
6.De beslissing
- € 2.556,07 aan opeisbaar geworden en onbetaald gelaten huurtermijnen berekend tot en met februari 2023, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 7 oktober 2022 tot de dag van betaling;
- € 7,53 aan wettelijke rente, berekend tot 7 oktober 2022;
- € 372,29 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- een bedrag van € 504,87 per maand, zijnde de maandelijks door [gedaagde] aan Viverion verschuldigde huurverplichting, te rekenen vanaf maart 2023 tot aan het tijdstip van ontbinding van de huurovereenkomst;
- een bedrag van € 504,87 per maand ter zake van schadevergoeding, voor elke maand of een gedeelte daarvan dat [gedaagde] in gebreke blijft het gehuurde te ontruimen en ter vrije en algehele beschikking van Viverion te stellen, zulks ingaande op het tijdstip waarop de huurovereenkomst wordt ontbonden, onder voorbehoud van (wettelijk) toegestane huurverhogingen.