Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
nuldagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft.
nuldagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft.
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
3 (drie) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
voorwaarden van rechtswegedat de verdachte:
taakstraf, bestaande uit de
werkstraf, voor de duur van 100
(honderd) uren,
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast voor de duur van
50 (vijftig) dagen;
taakstraf, bestaande uit de
leerstrafTact, voor de duur van 35
(vijfendertig) uren,
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast voor de duur van
17 (zeventien) dagen;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het onder parketnummer 08/065362-22 onder 1 primair bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 1.947,96 (zegge: negentienhonderdenzevenenveertig euro en 96 cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 februari 2022 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van
nuldagen kan worden toegepast, (een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van de onder parketnummer 08/065362-22 onder 2 primair bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 600,- (zegge: zeshonderd euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 februari 2022 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van
nuldagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;