Partijen sloten op 25 november 2019 een schriftelijke overeenkomst waarbij eiser Aarden maatpakken en maatoverhemden leverde aan gedaagde tegen een maandelijkse abonnementsprijs van € 158,00 voor twee jaar. Gedaagde betaalde tien maanden niet en bestelde daarnaast een maatcolbert waarvoor nog € 473,00 openstond.
Gedaagde stelde dat de overeenkomst na het eerste jaar niet was verlengd of dat de maandprijs lager had moeten zijn vanwege een goedkoper tweede pak. Ook stelde hij dat eiser tekort was geschoten in onderhoud en herstel van het geleverde overhemd, waardoor hij de overeenkomst wilde ontbinden en het openstaande bedrag wilde verrekenen.
De kantonrechter oordeelde dat gedaagde onvoldoende had onderbouwd dat de maandprijs was aangepast of dat hij de overeenkomst had opgezegd of ontbonden. Ook was niet gebleken dat eiser onderhoudsverplichtingen had, noch dat gedaagde om herstel had verzocht. Daarom moest gedaagde het volledige bedrag van € 2.053,00 betalen, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.
Het vonnis werd op 13 juni 2023 gewezen door de kantonrechter van de Rechtbank Overijssel te Zwolle.