Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2023:2773

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
18 juli 2023
Publicatiedatum
18 juli 2023
Zaaknummer
71.176178.22 (P)
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7 Wet Politieregisters
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens ontbreken van opzet bij uitlokking tot raadplegen politiesystemen

De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het uitlokken van een politieambtenaar tot het raadplegen en delen van vertrouwelijke informatie uit politiesystemen. De tenlastelegging betrof het opzettelijk uitlokken van het schenden van geheimhoudingsplichten door het verkrijgen van persoonsgegevens via geautomatiseerde politiegegevenssystemen.

Tijdens de terechtzittingen op 28 maart en 4 juli 2023 heeft de rechtbank de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. De officier van justitie stelde dat de feiten wettig en overtuigend bewezen konden worden, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte.

De rechtbank oordeelde dat verdachte weliswaar medeverdachte had gevraagd om hulp bij het vinden van de verblijfplaats van zijn zoon en ex-partner, waarna medeverdachte contact had gezocht met een politieman, maar dat niet kon worden vastgesteld dat verdachte wist dat dit zou leiden tot het raadplegen van politiesystemen. Het vereiste dubbel opzet voor uitlokking ontbrak daardoor.

Daarom verklaarde de rechtbank de tenlastelegging niet bewezen en sprak verdachte vrij. Tevens werd de teruggave gelast van de inbeslaggenomen mobiele telefoon van verdachte.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van opzet bij uitlokking tot raadplegen van vertrouwelijke politiesystemen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht
Meervoudige kamer
Zittingsplaats Zwolle
Parketnummer: 71.176178.22 (P)
Datum vonnis: 18 juli 2023
Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum 1] 1970 in [geboorteplaats 1] (Marokko),
wonende aan [woonplaats].

1.Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 28 maart 2023 en 4 juli 2023.
De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. drs. M.R.A. van IJzendoorn en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. W.N. Sardjoe, advocaat in 's-Gravenhage, naar voren is gebracht.

2.De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte al dan niet samen met anderen een politieambtenaar heeft uitgelokt tot het raadplegen van vertrouwelijke informatie in de politiesystemen en deze vertrouwelijke informatie te delen met onbevoegden.
Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:
1
[medeverdachte 1] op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 februari
2020 tot en met 2 januari 2021 te Amsterdam en/of in ieder geval (elders) in
Nederland (telkens) opzettelijk (een) geheim(en) waarvan hij wist of redelijkerwijs
moest vermoeden dat hij uit hoofde van ambt, beroep en/of wettelijk voorschrift (te
weten artikel 7 van Pro de Wet Politieregisters), te weten politieambtenaar, verplicht
was te bewaren, heeft geschonden, door (telkens) opzettelijk in het
(geautomatiseerd) bedrijfsprocessensysteem van de politie (onder andere uit/in
BVI-IB en/of BVH en/of MEOS en/of Bluespot en/of RDW en/of SKDB en/of GBA)
met gebruikmaking van een KENO-sleutel en/of het invoeren van
persoonsgegevens, althans het invoeren van één of meerdere zoekslag(en),
informatie over [naam], geboren op [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2] (Marokko) en haar
adresgegevens te bevragen en/of op te zoeken en/of uit het systeem te halen en/of
(vervolgens) die informatie/gegevens te verstrekken/door te geven aan verdachte
en/of zijn mededader(s), welk(e) feit(en) hij, verdachte, op één of meer tijdstippen
in of omstreeks de periode 10 februari 2020 tot en met 2 januari 2021 te Alphen aan
den Rijn en/of Amsterdam en/of Zeist en/of in ieder geval (elders) in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens
opzettelijk heeft/hebben uitgelokt door het verschaffen van inlichtingen, immers
heeft verdachte
- aan [medeverdachte 2] afbeeldingen met daarop de persoonsgegevens van [naam] toegestuurd
- waarna (vervolgens) die [medeverdachte 2] deze gegevens/informatie aan die [medeverdachte 1]
heeft doorgegeven met als doel het verkrijgen van aanvullende gegevens/informatie
uit de politiesystemen;
2
[medeverdachte 1] op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 februari
2020 tot en met 2 januari 2021 te Amsterdam en/of in ieder geval (elders) in
Nederland (telkens) opzettelijk en wederrechtelijk in een (gedeelte van) een
geautomatiseerd werk, te weten het (geautomatiseerd) bedrijfsprocessensysteem
van de politie (onder andere BVI-IB en/of BVE1 en/of MEOS en/of Bluespot en/of
RDW en/of SKDB en/of GBA) is binnengedrongen met behulp van valse signalen of
een valse sleutel, te weten het (onbevoegd) gebruik maken van zijn gebruikersnaam
en/of wachtwoord, en hij vervolgens de gegevens die zijn opgeslagen, worden
verwerkt of worden overgedragen door middel van voornoemd geautomatiseerd
werk, waarin hij zich wederrechtelijk bevond voor hemzelf en/of een ander heeft
overgenomen, afgetapt en/of opgenomen welk(e) feit(en) hij, verdachte, op één of
meer tijdstippen in of omstreeks de periode
van 10 februari 2020 tot en met 2 januari 2021 te Alphen aan den Rijn en/of
Amsterdam en/of Zeist en/of in ieder geval (elders) in Nederland, tezamen en in
vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens opzettelijk
heeft/hebben uitgelokt door het verschaffen van inlichtingen, immers heeft
verdachte
- aan [medeverdachte 2] afbeeldingen met daarop de persoonsgegevens van [naam] toegestuurd
- waarna (vervolgens) die [medeverdachte 2] deze gegevens/informatie aan die [medeverdachte 1]
heeft doorgegeven met als doel het verkrijgen van aanvullende gegevens/informatie
uit de politiesystemen.

3.De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4.De bewijsmotivering

4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen kunnen worden verklaard.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van de ten laste gelegde feiten.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank stelt vast dat verdachte medeverdachte [medeverdachte 2] heeft gevraagd of hij hem zou kunnen helpen de verblijfplaats van zijn zoon, en daarmee die van zijn ex-partner, te vinden.
Medeverdachte [medeverdachte 2] heeft vervolgens navraag gedaan bij een bevriende politieman.
De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan uitlokking. Voor een bewezenverklaring van uitlokking is dubbel opzet vereist. Dat wil zeggen dat het opzet van de uitlokker gericht moet zijn geweest op zowel het uitlokken van een ander tot het plegen van een delict, als op het delict zelf.
Niet kan worden vastgesteld dat verdachte wist dat medeverdachte [medeverdachte 2] een vriend had bij de politie, dat medeverdachte [medeverdachte 2] bij die vriend navraag zou doen en dat die politieman vervolgens naar aanleiding van de aan hem verstrekte informatie in de politiesystemen zou gaan kijken.
Nu die wetenschap ontbreekt, ontbreekt eveneens het opzet. De rechtbank acht dan ook niet bewezen wat aan verdachte onder 1 en 2 is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

5.Beslag

De rechtbank zal de teruggave aan de verdachte gelasten van de aan verdachte toebehorende op de beslaglijst vermelde mobiele telefoon (Apple iPhone).

6.De beslissing

De rechtbank:
vrijspraak
- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
het in beslag genomen voorwerp
- gelast de teruggave van de inbeslaggenomen telefoon (Apple iPhone) aan verdachte.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.K. Huisman, voorzitter, mr. M.J.A.L. Beljaars en mr. M.W. Eshuis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.C. van Druten, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2023.