ECLI:NL:RBOVE:2023:2803

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
9 juni 2023
Publicatiedatum
19 juli 2023
Zaaknummer
10360313 \\ EJ VERZ 23-58
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:72 BWArt. 4:77 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging termijn verwerping nalatenschap wegens ontbreken boedelbeschrijving

Verzoeker, zoon van de overleden erflater, vraagt om verlenging van de termijn voor het verwerpen van de nalatenschap, omdat hij en zijn zus pas kunnen beslissen over hun legitieme rechten als zij een boedelbeschrijving ontvangen. Erflater was getrouwd met verweerster, die als bezwaarde erfgenaam is benoemd, terwijl de kinderen als verwachters zijn aangewezen en pas erven na overlijden van verweerster.

Ondanks herhaalde verzoeken van verzoeker en zijn zus is er geen boedelbeschrijving opgesteld door verweerster, die zich in het eerste jaar na overlijden van erflater wegens ziekte niet met de boedel heeft beziggehouden. De kantonrechter oordeelt dat dit geen reden is om verzoeker zijn rechten als legitimaris te onthouden en wijst het verzoek tot verlenging toe.

De termijn voor verwerping wordt met drie maanden verlengd vanaf de datum van de beschikking, zodat verzoeker alsnog kan beslissen over het verwerpen van de nalatenschap en het doen van een beroep op zijn legitieme portie.

Uitkomst: De termijn voor verwerping van de nalatenschap wordt met drie maanden verlengd.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer / rekestnummer: 10360313 \\ EJ VERZ 23-58
Beschikking van 9 juni 2023
op een verzoek verlenging termijn verwerping nalatenschap ex artikel 4:72 BW Pro in samenhang met artikel 4:77 BW Pro
in de zaak van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats 1] ,
verzoeker,
hierna te noemen: [verzoeker] ,
gemachtigde: mr. W.J. van der Kroon, DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V.,
tegen
[verweerster],
wonende te [woonplaats 2] ,
verweerster,
hierna te noemen: [verweerster] ,
procederend in persoon,
en belanghebbende [belanghebbende] , wonende te [woonplaats 3] ,
in de nalatenschap van:
[erflater], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1935 en overleden op [datum] 2021, laatst wonende te [woonplaats 4] , hierna te noemen: erflater.

1.De procedure

1.1.
Op 28 februari 2023 is op de griffie van de rechtbank ontvangen het verzoekschrift van [verzoeker] , waarin hij verzoekt om verlenging van de termijn voor de verwerping van een nalatenschap.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgehad op 12 mei 2023. Bij die behandeling zijn verschenen verzoeker en zijn gemachtigde, verweerster en belanghebbende. De griffier heeft aantekeningen bijgehouden van hetgeen op de zitting is besproken.
1.3.
De uitspraak is bepaald op vandaag.

2.De feiten

In verband met dit verzoek zijn de volgende feiten van belang.
2.1.
Verzoeker en belanghebbende zijn respectievelijk de zoon en dochter van erflater.
2.2.
Erflater heeft samen geleefd met verweerster. In verband daarmee hebben zij op 22 februari 2002 een samenlevingscontract gesloten, dat is vastgelegd door de notaris.
2.3.
Erflater heeft bij testament, opgemaakt op 22 februari 2002, beschikt over zijn nalatenschap. Het testament bevat een tweetrapsmaking. [verweerster] is benoemd tot enig erfgenaam onder ontbindende voorwaarde en wordt aangeduid als bezwaarde. De zoon en dochter van erflater zijn benoemd tot erfgenamen onder opschortende voorwaarde en worden aangeduid als verwachters.
2.4.
In het testament is bepaald dat de bezwaarde verplicht is om binnen één jaar na het overlijden bij notariële akte een beschrijving op te maken van het fideï-commissaire vermogen.
2.5.
In een e-mailbericht van 20 april 2021 hebben [verzoeker] en zijn zuster aan de notaris gevraagd om een boedelbeschrijving. Daarbij hebben zij meegedeeld dat zij zich het recht voorbehouden om een beroep te doen op hun legitieme porties.
2.6.
In een aangetekende brief van 23 mei 2022 heeft de gemachtigde van [verzoeker] [verweerster] gesommeerd om binnen twee weken alsnog een boedelbeschrijving af te geven.
2.7.
Naar aanleiding van de verzoeken van [verzoeker] is de volgende informatie ontvangen:
  • Per e-mailbericht van de notaris van 17 juni 2022 zijn kopieën van de jaaroverzichten van ING (2021) en Rabobank (2020) verstrekt, evenals een kopie van de samenlevingsovereenkomst tussen erflater en [verweerster] ;
  • Per e-mailbericht van de notaris van 26 oktober 2022 zijn kopieën van de aangiften inkomstenbelasting 2020 en 2021 overgelegd;
  • Per e-mailbericht van de notaris van 27 december 2022 is een kopie koopovereenkomst van 14 december 2020 overgelegd, betreffende een motorjacht, waaruit blijkt dat het jacht voor € 40.000,= is verkocht en dat de opbrengst is overgemaakt naar de gezamenlijke bankrekening van erflater en [verweerster] .
2.8.
Tot op heden is er geen boedelbeschrijving opgemaakt.

3.Het verzoek

3.1.
[verzoeker] verzoekt om verlenging van de termijn voor de verwerping van de nalatenschap van zijn vader als bedoeld in artikel 4:72 BW Pro in samenhang met artikel 4:77 BW Pro.
3.2.
[verzoeker] heeft het verzoek als volgt toegelicht. [verzoeker] voert aan dat hij op verschillende momenten bij [verweerster] en bij de aanvankelijk betrokken notaris om een boedelbeschrijving dan wel om informatie over de nalatenschap heeft gevraagd. Die informatie heeft hij nodig om te kunnen beslissen of hij de nalatenschap wil verwerpen en een beroep wil doen op de legitieme. Tot op heden heeft [verweerster] echter niet meegewerkt aan het verkrijgen van alle benodigde informatie en een boedelbeschrijving.

4.De beoordeling

4.1.
Uit artikel 4:72 BW Pro (artikel 72 van Pro Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek) volgt dat hetgeen een legitimaris als erfgenaam uit een nalatenschap kan verkrijgen niet in mindering wordt gebracht op zijn legitieme (dat is een wettelijk erfdeel) wanneer er sprake is van een zogenoemde inferieure making. Met dat laatste wordt onder andere bedoeld dat er in het testament van de erflater een voorwaarde is verbonden aan hetgeen aan iemand wordt nagelaten. In het testament van erflater [verzoeker] is dat het geval ten aanzien van zijn kinderen, [naam 1] en [naam 2] . Zij erven pas als [verweerster] komt te overlijden. Uit hetgeen in artikel 4:72 BW Pro verder is bepaald volgt dat wanneer de kinderen [verzoeker] in deze situatie de erfenis van hun vader willen verwerpen en een beroep willen doen op hun legitieme, zij dat moeten doen binnen drie maanden na het overlijden.
4.2.
Genoemde termijn van drie maanden is in dit geval al verstreken. In artikel 4:77 BW Pro is bepaald dat die termijn op grond van bijzondere omstandigheden door de kantonrechter kan worden verlengd, zelfs nadat die termijn al was verlopen. Dat verzoek heeft [verzoeker] nu gedaan.
4.3.
De kantonrechter zal dit verzoek van [verzoeker] toewijzen. De kantonrechter is namelijk van oordeel dat er bijzondere omstandigheden zijn die daarvoor aanleiding geven.
4.4.
Die omstandigheden zijn de volgende. [verzoeker] heeft voor het eerst op 21 april 2021 en daarna bij herhaald verzoek gevraagd om een boedelbeschrijving met het doel om daarmee inzicht te krijgen in de samenstelling van de nalatenschap van zijn vader. Een boedelbeschrijving is echter tot op heden niet verstrekt en ook los daarvan is het verstrekken van informatie die van belang kan zijn voor een legitimaris niet verstrekt. Op de mondelinge behandeling heeft [verweerster] toegelicht dat zij in het eerste jaar na het overlijden van haar partner te kampen had met ziekte en de behandeling daarvan. Zij heeft zich daarom niet bezig gehouden met het maken van een boedelbeschrijving. Dat is een omstandigheid die begrijpelijk is, maar deze omstandigheid kan nu niet meer aan [verzoeker] worden tegengeworpen waar het zijn recht als legitimaris betreft. Ook de omstandigheid dat [verweerster] ervan overtuigd is dat de kinderen van erflater niets zullen verkrijgen uit de nalatenschap van hun vader, maakt dat niet anders. De kinderen van erflater hebben recht op informatie om daarmee hun rechtspositie goed te kunnen bepalen. Daar komt bij dat de verplichting voor [verweerster] om een boedelbeschrijving op te maken is neergelegd in het testament van erflater. Van [verweerster] mag daarom verwacht worden dat zij binnen afzienbare tijd zorgdraagt voor een deugdelijke boedelbeschrijving.
4.5.
De kantonrechter zal de termijn voor [verzoeker] om de nalatenschap van zijn vader te mogen verwerpen verlengen met drie maanden, te rekenen vanaf de datum van deze beschikking.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
verlengt de in artikel 4:72 BW Pro genoemde termijn om te mogen verwerpen ten aanzien van [verzoeker] en de nalatenschap van zijn vader met drie maanden, te rekenen vanaf de datum van deze beschikking.
Aldus gegeven door mr. D.N.R. Wegerif, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 9 juni 2023. (ap)