ECLI:NL:RBOVE:2023:2970
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag op grondstukken wegens onwaarschijnlijkheid schadevergoedingsmaatregel
De rechtbank Overijssel behandelde het beklag van klager tegen het conservatoir beslag op diverse registergoederen, gelegd op verzoek van het Openbaar Ministerie ter bewaring van het recht tot verhaal voor een mogelijke schadevergoedingsmaatregel.
Klager, verdacht van het faciliteren van een drugslaboratorium en verantwoordelijk gehouden voor bodemvervuiling, stelde dat het onwaarschijnlijk is dat de strafrechter een schadevergoedingsmaatregel zal opleggen, mede omdat de gemeente Olst-Wijhe als sterke benadeelde partij zelf haar vordering kan innen. Tevens wilde klager het beslag opgeheven zien om de grond te kunnen verkopen en saneringskosten te financieren.
Het Openbaar Ministerie voerde aan dat er een stevige verdenking is en een vordering van de gemeente, en dat het beslag niet aan verkoop in de weg staat. De rechtbank oordeelde dat het onderzoek in raadkamer summier is en dat aan het eerste criterium (verdenking van een misdrijf) is voldaan, maar dat het tweede criterium (hoogst onwaarschijnlijkheid van oplegging schadevergoedingsmaatregel) ook moet worden beoordeeld.
De rechtbank concludeerde dat het onwaarschijnlijk is dat de strafrechter een schadevergoedingsmaatregel zal opleggen aan klager, omdat de gemeente als sterke benadeelde partij haar vordering zelf kan incasseren. Daarom werd het beklag gegrond verklaard en het conservatoir beslag opgeheven.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op de grondstukken wordt opgeheven omdat het onwaarschijnlijk is dat een schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd.