Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
het opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen (zoals bedoeld in
artikel 1 lid 4 Opiumwet Pro),
plegen en/of uit te lokken, om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen,
dat feit heeft getracht te verschaffen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
3.De bewijsmotivering
‘chauff’. [13] Medeverdachte [medeverdachte 2] stuurt vervolgens het telefoonnummer [telefoonnummer] door en zegt:
“let op is eigen chauffeur”. Het genoemde telefoonnummer is in gebruik bij verdachte. [14]
“Inshallah dat we die bak [18] eruit mogen halen”,waarop medeverdachte [medeverdachte 2] reageert met
“we gaan er voor en we doen met zijn alle ons best”. [19]
“ze is er bijna”stuurt. Op de foto’s wordt de locatie van het schip de Cartagena Express weergegeven. Dat is het schip waarop de container zich bevond. Ook is te zien dat de geplande aankomsttijd van het schip 7 april 2020 om 07:00 uur is. Vervolgens wordt besproken welke Portbase zal worden gebruikt. [20]
“[alias 1]” [21] wordt aangestuurd. Op
“Now they meet”. [23]
“Brothers ze zijn bezig met onze bay!”en om 15:48 uur laat hij weten dat de bak is gelost. Medeverdachte [medeverdachte 1] laat daarop weten dat hij ‘[alias 2]’ vast naar de poort laat rijden. [accountnaam 9] stuurt vervolgens een afbeelding door waaruit blijkt dat de container geblokkeerd is en deelt mee dat ‘[alias 2]’ nog even moet wachten. [24] Medeverdachte [medeverdachte 1] laat ondertussen in groepsgesprek [accountnaam 1]:1 weten dat ze zo groen licht krijgen en dat de chauffeur medeverdachte [medeverdachte 2] op de hoogte moet houden van zijn stappen. Medeverdachte
“leeg”,
“zeker die dubbele zegel terug erop gezet”wordt gezegd. [34]
het opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland brengen (zoals bedoeld in
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
medeplegen van om een feit, bedoeld in het vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen en vervoermiddelen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De toegepaste wettelijke voorschriften
8.De beslissing
medeplegen van om een feit, bedoeld in het vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen en vervoermiddelen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit;
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren.