Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
3.De bewijsmotivering
Die gek van de shoarmazaak staat hier met een hamer”.
Daar is de volgende”.
Nou heb ik je! Nou ga je dood! Nou lig je daar te spartelen!”.
Ik heb egt gekke vecht vartij”, “
Gehad”, “
Heb net passie gevocht3n”, “
Met 2 en Un hamer”, “
Wahaha”, “
Ging egt gek”.
Nou heb ik je! Nou ga je dood! Nou lig je daar te spartelen!”.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
poging tot doodslag;
poging tot zware mishandeling met voorbedachte raad;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelden
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
poging tot doodslag;
poging tot zware mishandeling met voorbedachte raad;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) jaren;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het onder 1 primair bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 6.702,63, (zegge: zesduizend zevenhonderdtwee euro en drieënzestig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 december 2022 ten behoeve van de benadeelde partij, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 68 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het onder 2 primair bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Overijssel van 22 juni 2018 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van twee maanden.
Ik was aan het rennen. Ik zag opeens een hamer en zag dat het [slachtoffer 1] was. Ik kreeg een klap met de hamer op de achterkant van mijn hoofd. Ik weet de klap op mijn achterhoofd 100.000 procent zeker. Ik ben met iets hards op mijn achterhoofd geslagen en ik zag een hamer in zijn hand. Ik weet zeker dat de wond op mijn achterhoofd van de eerste klap was. Toen ben ik voorover op de grond gevallen en daarna is hij verder gaan slaan. Het waren tig slagen. Ik heb mij op een gegeven moment afgeweerd met mijn handen (de getuige laat zien dat hij zijn handen voor zijn hoofd houdt). Ik beschermde mijn hoofd en toen ben ik ook op mijn handen geslagen. Hij sloeg met volle kracht. Hij heeft tegen mij en [slachtoffer 2] gezegd dat hij ons dood zou slaan.
(…) Ik (…) heb (…) een hamer gepakt thuis en ben terug gereden (….) om hen aan te pakken. (…) ik heb geslagen met de hamer (…)”.