ECLI:NL:RBOVE:2023:3641
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs feitelijke aanranding
De rechtbank Overijssel behandelde op 12 september 2023 een zaak waarin een 21-jarige man werd verdacht van feitelijke aanranding van een vrouw op of omstreeks 5 november 2021 te Hardenberg. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van zes maanden, waarvan drie voorwaardelijk. De tenlastelegging omvatte meerdere ontuchtige handelingen waarbij geweld of bedreiging werd gebruikt.
De rechtbank nam kennis van de verklaringen van het slachtoffer, een getuige en WhatsApp-berichten die het verhaal van het slachtoffer moesten ondersteunen. De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was om tot een veroordeling te komen.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring van het slachtoffer onvoldoende steun vond in ander bewijsmateriaal, zoals de getuigenverklaring en WhatsApp-berichten, die allen uit dezelfde bron afkomstig waren. De emotionele reactie van het slachtoffer en gedragsveranderingen werden niet als voldoende bewijs gezien.
Daarom was er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs om buiten redelijke twijfel vast te stellen dat verdachte het ten laste gelegde feit had begaan. De rechtbank sprak verdachte vrij en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van feitelijke aanranding.