ECLI:NL:RBOVE:2023:3709

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
12 september 2023
Publicatiedatum
20 september 2023
Zaaknummer
10581572 \ CV EXPL 23-2354
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:217 BWArt. 6:230v lid 2 BWArt. 6:230v lid 6 BWArt. 6:230m lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toetsing energiecontract na overname levering bij faillissement Flexenergie

In deze zaak vordert Innova Energie B.V. betaling van een openstaand bedrag van een energiecontract dat zij na het faillissement van Flexenergie heeft overgenomen. Innova stelt dat zij de levering heeft voortgezet en een schriftelijk aanbod voor een vaste energieovereenkomst heeft gedaan, dat door de gedaagde is geaccepteerd.

De kantonrechter toetst of er een geldige overeenkomst tot stand is gekomen volgens artikel 6:217 BW Pro en het schriftelijkheidsvereiste van artikel 6:230v lid 6 BW. Uit de stukken blijkt dat Innova een aanbod per e-mail heeft gedaan, maar onduidelijk is hoe het aanbod er precies uitzag en op welke wijze de gedaagde dit heeft geaccepteerd. De rechter geeft Innova de mogelijkheid om zich hier nader over uit te laten met bewijsstukken.

Daarnaast beoordeelt de rechter de (pre)contractuele informatieplichten. De e-mail bevat onvoldoende informatie en de verwijzing naar algemene voorwaarden is niet toereikend. Essentiële informatie zoals voorschotbedrag, herroepingsrecht en opzegvoorwaarden ontbreken in het contract en mogen niet alleen in de algemene voorwaarden staan. De zaak wordt aangehouden voor nadere behandeling op 10 oktober 2023.

Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor nadere behandeling waarbij Innova zich schriftelijk kan uitlaten over de aanvaarding van het aanbod.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer : 10581572 \ CV EXPL 23-2354
Vonnis van 12 september 2023
in de zaak van
de besloten vennootschap
INNOVA ENERGIE B.V.,
gevestigd te Delft,
eisende partij, hierna te noemen Innova,
gemachtigde: B.E.J. Caminada,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- het tegen [gedaagde] verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil

2.1.
Innova heeft bij dagvaarding gevorderd [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, te veroordelen tot betaling van € 1.200,15 (bestaande uit € 975,37 aan hoofdsom,
€ 78,47 aan wettelijke rente en € 146,31 aan buitengerechtelijke incassokosten), te vermeerderen met de wettelijke rente over € 975,37 vanaf 26 juni 2023 tot de dag van volledige betaling en met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
2.2.
Ter onderbouwing van die vordering heeft Innova gesteld dat [gedaagde] een overeenkomst op afstand heeft gesloten tot het leveren van gas en/of elektriciteit met Flexenergie. Na het faillissement van Flexenergie heeft Innova in samenspraak met de curator de levering overgenomen. Zij heeft [gedaagde] hiervan op de hoogte gesteld bij e-mail van 1 november 2018. Op 2 november 2018 heeft zij een aanbod gedaan voor een vaste energieovereenkomst. Innova heeft gesteld dat [gedaagde] dit aanbod heeft aanvaard. Verder heeft zij gesteld dat zij heeft voldaan aan de (pre)contractuele informatieplichten en heeft verwezen naar de algemene voorwaarden. Verder heeft zij gesteld dat er geen schermafdrukken voorhanden zijn, omdat zij de klanten heeft overgenomen van Flexenergie.
3. De beoordeling
Bestaat er een energieovereenkomst tussen Innova en [gedaagde] ?
3.1.
De overeenkomst komt tot stand volgens de regels van aanbod en aanvaarding als bedoeld in artikel 6:217 BW Pro. Daarnaast geldt de bijzondere regel van artikel 6:230v lid 6 BW voor energieovereenkomst, namelijk dat een energieovereenkomst slechts schriftelijk kan worden aangegaan.
3.2.
Volgens Innova heeft zij voldaan aan dit schriftelijkheidsvereiste. Ze heeft een schriftelijk aanbod gedaan in de e-mail van 2 november 2018 en volgens haar heeft [gedaagde] dit aanbod geaccepteerd.
3.3.
De kantonrechter overweegt hierover het volgende.
Uit de e-mail blijkt dat Innova een aanbod heeft gedaan, maar niet hoe dit aanbod eruit ziet. Blijkbaar moet [gedaagde] op de link ‘Bekijk het scherpe aanbod’ klikken, maar niet duidelijk is wat [gedaagde] dan vervolgens te zien krijgt en welke stappen hij verder moet doorlopen. Ook is het niet duidelijk hoe [gedaagde] dit aanbod heeft geaccepteerd en op welke aanvaardingsbutton hij hiervoor moest klikken. Innova mag zich hierover nog uitlaten, onderbouwd met de benodigde stukken.
De (pre)contractuele informatieplichten.
3.4.
Voor de precontractuele informatieplichten heeft Innova verwezen naar de algemene voorwaarden en daarnaast gesteld dat zij het klantenbestand heeft overgenomen van Flexenergie en dat er bij het sluiten van de energieovereenkomst met Innova geen sprake is van een bestelproces via internet.
3.5.
De kantonrechter overweegt hierover het volgende.
Het aanbod van de e-mail van 2 november 2018 moet alle verplichte precontractuele informatie bevatten. Mogelijk is deze informatie opgenomen in de link ‘Bekijk het scherpe aanbod’ maar dat is nu nog niet door de kantonrechter vast te stellen. De e-mail bevat verder nauwelijks informatie, zodat de kantonrechter thans van oordeel is dat Innova middels deze e-mail onvoldoende heeft voldaan aan haar precontractuele informatieplichten. De verwijzing naar de algemene voorwaarden is niet voldoende, omdat niet alle informatie enkel mag zijn verstrekt in de algemene voorwaarden, zoals blijkt uit artikel 6:230v lid 2 BW.
3.6.
Ten aanzien van de contractuele informatieplichten overweegt de kantonrechter als volgt. In het contract is niet het voorschotbedrag genoemd (artikel 6:230m lid 1 onder e BW), is niet het herroepingsrecht opgenomen (artikel 6:230m lid 1 onder h BW) en zijn de opzegvoorwaarden niet opgenomen (artikel 6:230m lid 1 onder o BW). Deze essentiele informatie mag niet worden verstopt in de algemene voorwaarden, omdat daarmee niet is voldaan aan het verstrekken op een duidelijke en in het oog springende manier [1] .
3.7.
Alle overige beslissingen zullen worden aangehouden.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
verwijst de zaak naar de rolzitting van
dinsdag 10 oktober 2023, waarop Innova zich schriftelijk kan uitlaten over hetgeen is overwogen onder 3.3.,
4.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 12 september 2023. (SK)

Voetnoten

1.Artikel 6:230v lid 2 BW