Uitspraak
bevel
RECHTBANK OVERIJSSEL
[verdachte] ,
mr.Van Elst heeft, na door de voorzitter te zijn geïnformeerd over de zaak en de aanleiding voor de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis, verklaard dat hij contact heeft gehad met verdachte en dat verdachte hem heeft gezegd dat van valsheid in geschrift van documenten geen sprake is. De officier van justitie persisteert bij de vordering en de raadsman refereert zich aan het oordeel van de raadkamer.