Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
- mr. A.M.S. Kuipers, kantonrechter;
- R.B.M. Pillen, griffier.
- [eiseres] , bijgestaan door mr. Holtrop en vergezeld van dhr. [naam 1] ;
- [gedaagde] , bijgestaan door mr. Van Dreumel en vergezeld van mw. [naam 2] .
Rechtbank Overijssel
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres een verbod voor gedaagde om het achterhuis van de woonboerderij, dat aan eiseres toebehoort, te betreden zonder haar uitdrukkelijke toestemming. De kantonrechter stelt zich bevoegd te zijn omdat het geschil een huurgeschil betreft.
De woonboerderij is verdeeld in twee wooneenheden, Voorhuis en Achterhuis, elk met eigen voorzieningen. De bovenverdieping van het Achterhuis heeft geen eigen voorzieningen en wordt daarom als onderdeel van het gehuurde Achterhuis beschouwd. Gedaagde heeft het Achterhuis aan eiseres ter beschikking gesteld en ontvangt daarvoor een maandelijkse vergoeding die als huur wordt aangemerkt.
De kantonrechter verbiedt gedaagde het Achterhuis zonder toestemming te betreden en legt een dwangsom van € 500 per overtreding op, met een maximum van € 25.000. Tevens moet gedaagde ervoor zorgen dat derden het Achterhuis niet betreden zonder toestemming. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde is verboden het achterhuis zonder uitdrukkelijke toestemming van eiseres te betreden onder dreiging van een dwangsom.