Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats 1] ,
zonder bekende woon- of verblijfplaats binnen en buiten Nederland,
Rechtbank Overijssel
Eiseres heeft een huurovereenkomst met gedaagde voor een woning te Enschede. Sinds de aanvang in januari 2018 betaalt gedaagde regelmatig te laat, ondanks herhaalde sommatie. In juni 2023 werd betaling van vier maanden huur gevorderd, waarna gedaagde een bedrag betaalde dat niet toereikend was voor de resterende maanden. Vanaf juli 2023 bleef de huur onbetaald.
Eiseres vordert in kort geding ontruiming van de woning binnen 48 uur na betekening, betaling van €7.400 aan achterstallige huur en vergoeding van proceskosten. Gedaagde is niet verschenen en verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering tot ontruiming gegrond is maar stelt de termijn op twee weken na betekening. De vordering tot betaling van de achterstallige huur wordt toegewezen. De gevorderde dwangsom en machtiging tot ontruiming met de sterke arm worden afgewezen. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten en wettelijke rente bij niet-tijdige betaling.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen twee weken en betaling van €7.400 aan achterstallige huur.