Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2023:4705

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
20 november 2023
Publicatiedatum
21 november 2023
Zaaknummer
10749539 \ CV EXPL 23-3706
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gedragsaanwijzing opgelegd aan huurders wegens bewoning en inwoning zonder toestemming

WBO verhuurt sinds 1986 een woonhuis aan gedaagden. Recentelijk verbleven gedaagden en hun zoons in de woning, maar een van de zoons, die als verdachte werd aangemerkt in een politieonderzoek naar fietsendiefstal, woont niet meer op het adres.

In juli 2023 vond een politie-inval plaats waarbij gestolen fietsen werden aangetroffen in het gehuurde en de verdachte werd aangetroffen. WBO vorderde ontruiming van het huis, maar gedaagden verzetten zich hiertegen.

De rechtbank wijst de primaire vordering tot ontruiming af, maar legt subsidiair een gedragsaanwijzing op. Gedaagden moeten zich als goed huurder gedragen, het huis bewonen, voorkomen dat de verdachte terugkeert en geen anderen laten inwonen zonder schriftelijke toestemming van WBO. Bij overtreding volgt ontruiming binnen veertien dagen.

De proceskosten worden gecompenseerd en het vonnis is direct uitvoerbaar.

Uitkomst: De rechtbank wijst de gedragsaanwijzing toe en wijst de primaire ontruimingsvordering af.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer : 10749539 \ CV EXPL 23-3706
Vonnis in kort geding van 20 november 2023
in de zaak van
de stichting
STICHTING WBO WONEN,
gevestigd en kantoorhoudende te Oldenzaal,
eisende partij,
hierna te noemen: WBO,
gemachtigde: mr. R.F.A. Rorink,
advocaat te Hardenberg,
tegen

1.[gedaagde 1] ,wonende te Oldenzaal,

hierna te noemen: [gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
wonende te Oldenzaal,
hierna te noemen: [gedaagde 2]
gedaagde partij,
hierna gezamenlijk (in meervoud) te noemen: [gedaagden] ,
gemachtigde: mr. J. Pearson,
advocaat te Den Haag.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties;
- de van de zijde van WBO overgelegde producties;
- de van de zijde van [gedaagden] overgelegde producties;
- de aantekeningen van de griffier van de op maandag 20 november gehouden mondelinge behandeling.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
WBO verhuurt met ingang van 1 juni 1986 aan [gedaagden] , het woonhuis met aanhorigheden, staande en gelegen te [plaats] aan de [adres] . Tot voor kort hadden in de woning [gedaagden] en hun beide zoons [naam 1] en [betrokkene] [gedaagde 1] hun hoofdverblijf.
2.2.
Blijkens een uittreksel Basisregistratie Personen van de gemeente Oldenzaal is [betrokkene] niet meer woonachtig in het woonhuis aan de [adres] .
2.3.
[gedaagden] verblijven normaliter in de periode mei – oktober in Turkije, zo ook in het jaar 2023.
2.4.
In juli 2023 heeft de politie te Oldenzaal een inval gedaan in het gehuurde, in het kader van een grootschalig onderzoek naar fietsendiefstallen in Oldenzaal. In het woonhuis werden een groot aantal gestolen (elektrische) fietsen aangetroffen, die door de politie in beslag zijn genomen. In de woning is één persoon aangetroffen, genaamd [betrokkene] en als verdachte aangemerkt.

3.Het geschil

3.1.
WBO vordert - samengevat - dat de kantonrechter, op basis van de in de dagvaarding en hier als ingelast te beschouwen gronden, [gedaagden] primair veroordeelt om het woonhuis te ontruimen, dan wel dat de kantonrechter subsidiair, bij wijze van ordemaatregel, aan [gedaagden] een gedragsaanwijzing oplegt zoals in het petitum van de dagvaarding onder 2. omschreven.
3.2.
[gedaagden] voeren verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Ter mondelinge behandeling hebben [gedaagden] zich uitdrukkelijk verweerd tegen de primair gevorderde ontruiming van het woonhuis door WBO. Nadat [gedaagden] zich niet tegen de toewijzing van de door WBO subsidiair gevorderde oplegging van een gedragsaanwijzing hebben verzet, heeft WBO aangegeven niet langer te zullen volharden bij haar primaire vordering. De subsidiaire vordering van WBO zal dan ook door de kantonrechter worden toegewezen. Partijen hebben daarbij afgesproken dat als WBO de woning wenst te controleren WBO daarvoor contact zal opnemen met mevrouw [naam 2] , de dochter van [gedaagden] omdat zij voor haar ouders als contactpersoon optreedt.
4.2.
De kantonrechter ziet aanleiding om de proceskosten tussen partijen te compenseren als hierna te vermelden.

5.De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
wijst de primaire vordering af;
5.2.
legt aan [gedaagden] , bij wijze van orde maatregel, een gedragsaanwijzing op en wel dat zij:
zich als een goed huurder dienen te gedragen;
het gehuurde dienen te bewonen;
er voor zorg dienen te dragen dat [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats] , niet meer in het woonhuis aan de [adres] intrekt;
geen persoon of personen in het gehuurde laten inwonen, anders dan met voorafgaande schriftelijke toestemming van WBO;
5.3.
veroordeelt [gedaagden] , bij het overtreden van de randnummers 5.2. a t/m d. van het petitum, om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis de woonruimte, staande en gelegen te [plaats] aan de [adres] , met al hetgeen daartoe behoort en met wie of wat daarin of daarop aanwezig is, te ontruimen, in goede staat en onder afgifte van de sleutels aan WBO op te leveren en deze vervolgens ontruimd te houden;
5.4.
compenseert de proceskosten des dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
5.5.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
5.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Marsman, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 20 november 2023.
(PHR(O)