Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van 12 juli 2023;
- de brief van 20 juli 2023 van de rechtbank waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Partijen zijn in geschil over de eigendom van drie paarden: een merrie en haar twee veulens. Partij B kocht de merrie in 2016 en stal deze bij partij A. Partijen fokten samen paarden. Partij A vordert teruggave van de paarden en stelt dat hij eigenaar is van alle drie, terwijl partij B stelt eigenaar te zijn van twee paarden en vergoeding wil voor gemaakte kosten.
De rechtbank stelt vast dat partij B eigenaar is van de merrie en het veulen dat uit haar is geboren, terwijl het tweede veulen eigendom is van partij A. Partij A heeft onvoldoende feiten gesteld om eigendomsoverdracht aan te tonen. De rechtbank wijst de vorderingen van partij A af, ook omdat partij B een rechtvaardigingsgrond had om het veulen mee te nemen en omdat het tweede veulen inmiddels aan een derde is verkocht.
Partij B krijgt gelijk op zijn vordering dat de merrie en het jongste veulen zijn eigendom zijn en wordt toegewezen in zijn vordering tot afgifte van het paardenpaspoort en stamboekpapier. Daarnaast wordt partij A veroordeeld tot betaling van de waarde van een telefoon die hij niet heeft teruggegeven. Vorderingen tot vergoeding van stallingskosten en buitengerechtelijke kosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Partij A wordt veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank matigt de dwangsom voor afgifte van documenten tot €100 per dag met een maximum van €5.000. Het vonnis is gewezen op 22 november 2023.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van partij A af, verklaart twee paarden eigendom van partij B, en veroordeelt partij A tot afgifte van documenten en betaling van schadevergoeding.