Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[belanghebbende 1] ,
[belanghebbende 2],
[belanghebbende 3],
[belanghebbende 4],
[belanghebbende 5],
[belanghebbende 6],
[belanghebbende 7],
[belanghebbende 8],
de onbekende huurders c.q. onderhuurders,
Rechtbank Overijssel
Verzoekster, ING Bank N.V., heeft op grond van artikel 3:264 lid 5 BW Pro verlof gevraagd om het huurbeding in te roepen tegen de (onder)huurders van een appartementsrecht gelegen aan een adres in Overijssel. De (onder)huurders zijn niet verschenen en hebben geen bezwaar gemaakt tegen het verzoek.
De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat in de hypotheekakte een huurbeding is opgenomen en dat met instandhouding van de huurovereenkomst geen voldoende opbrengst zal worden verkregen voor verzoekster. Verzoekster heeft de (onder)huurders bij exploot aangemaand en aangekondigd het huurbeding in te roepen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek toegewezen, waardoor verzoekster verlof krijgt het huurbeding in te roepen. De (onder)huurders worden veroordeeld tot ontruiming van het registergoed binnen 30 dagen na betekening van de beschikking. Een machtiging om zelf de ontruiming met behulp van de sterke arm uit te voeren is afgewezen, omdat dit niet op de wet berust.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Verlof verleend tot inroeping huurbeding en (onder)huurders veroordeeld tot ontruiming binnen 30 dagen.