ECLI:NL:RBOVE:2023:4943
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning woonark
Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen de aan een derde-partij verleende omgevingsvergunning voor het plaatsen van een woonark met twee meerpalen, het aanleggen van een terras en een toegangsweg op een perceel. De voorzieningenrechter heeft beoordeeld of er sprake is van een spoedeisend belang dat het noodzakelijk maakt om de vergunning voorlopig te schorsen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de woonark niet aard- en nagelvast wordt verankerd, maar verplaatsbaar blijft, waardoor geen onomkeerbare situatie ontstaat. Ook de meerpalen en andere voorzieningen kunnen worden verwijderd, hoewel dit kosten en werk met zich meebrengt, wat voor rekening van de derde-partij blijft. Bovendien is ter zitting verklaard dat de woonark pas na een half jaar geplaatst zal worden, omdat eerst een recreatieschip moet worden afgebouwd.
Gezien deze omstandigheden is er geen sprake van onherstelbaar nadeel of onomkeerbare situatie die een spoedeisend belang zou rechtvaardigen. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en kan de beslissing in de hoofdzaak worden afgewacht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.