Uitspraak
1.Samenvatting
2.De procedure
3.De feiten
4.Het geschil
€ 1.000,00 (kantonrechter: te betalen) althans een door de kantonrechter vast te stellen bedrag te vermeerderen met een bedrag aan wettelijke rente;
Rechtbank Overijssel
De zaak betreft een crossmotor die in België werd gestolen van de eiser en vervolgens door de gedaagde, een handelaar in motoren, werd gekocht. De eiser vorderde teruggave van de crossmotor nadat hij deze te koop zag staan bij de gedaagde. De gedaagde voerde derdenbescherming aan, omdat hij de motor te goeder trouw had gekocht en een tegenprestatie had geleverd.
De rechtbank erkende dat voldaan was aan de voorwaarden voor derdenbescherming, namelijk dat de overdracht tegen betaling plaatsvond en dat de gedaagde te goeder trouw was. Echter, de uitzondering van artikel 3:86 lid 3 BW Pro was van toepassing, omdat de gedaagde als handelaar niet in een daartoe bestemde bedrijfsruimte handelde en de motor afkomstig was van diefstal. Hierdoor kon de eiser de motor terugvorderen.
De vordering tot teruggave werd toegewezen met een dwangsom voor niet-naleving. De vordering tot vergoeding van waardevermindering werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De buitengerechtelijke incassokosten werden toegewezen conform wettelijke richtlijnen. De gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De gedaagde is veroordeeld tot teruggave van de crossmotor aan de eiser en betaling van buitengerechtelijke incassokosten.