ECLI:NL:RBOVE:2024:1165
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring dagvaarding wegens onduidelijkheid bestuurderschap verdachte in witwaszaak
De rechtbank Overijssel behandelde op 29 februari 2024 een zaak waarin verdachte werd verdacht van het plegen van witwassen als gewoonte, samen met meerdere medeverdachten. De tenlastelegging betrof het witwassen van een totaalbedrag van ongeveer 950.000 euro in de periode van januari 2015 tot april 2018.
Tijdens de procedure bleek dat de dagvaarding op 16 november 2023 aan medeverdachte 2 was uitgereikt, waarbij werd aangenomen dat hij bestuurder was van verdachte. De rechtbank kon echter niet vaststellen of medeverdachte 2 op dat moment daadwerkelijk bestuurder was, omdat het dossier geen historische gegevens bevatte over het einde van zijn bestuurderschap.
Gezien het ontbreken van bewijs dat medeverdachte 2 bestuurder was op het moment van betekening, oordeelde de rechtbank dat de dagvaarding niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was betekend. Omdat niemand namens verdachte was verschenen op de terechtzitting, werd de dagvaarding nietig verklaard. Het vonnis werd op 5 maart 2024 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De dagvaarding is nietig verklaard wegens onduidelijkheid over het bestuurderschap van medeverdachte 2 op het moment van betekening.