Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
De huurachterstand
119,00
Rechtbank Overijssel
De huurder huurt een woning van de verhuurder en heeft een huurachterstand van €3.649,81 tot en met februari 2024. De verhuurder vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van de woning en betaling van de achterstallige huur. De huurder erkent de betalingsachterstand maar wenst in de woning te blijven en wijst op persoonlijke en financiële problemen, waaronder ontslag en schulden.
De rechtbank stelt vast dat de omvang van de huurachterstand groot genoeg is om ontbinding van de huurovereenkomst te rechtvaardigen. De huurder heeft onvoldoende perspectief geboden op betaling, ondanks hulpverlening en een nieuw dienstverband. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op 14 dagen.
De rechtbank wijst de vordering tot betaling van de huurachterstand en de maandelijkse huur tot ontruiming toe. De bedingen over wettelijke rente van 1% per maand en buitengerechtelijke incassokosten van minimaal 15% worden ambtshalve getoetst en als oneerlijk beoordeeld, waardoor deze kosten niet worden toegewezen.
De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, de huurder veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en betaling van de huurachterstand, terwijl onredelijke rente- en incassokostenbedingen worden afgewezen.