Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
VGZ Zorgverzekeraar N.V.,gevestigd te Arnhem,
1.De procedure
2.Samenvatting
3.Het geschil
4.De beoordeling
Hoofdsom en rente
66,00
Rechtbank Overijssel
VGZ heeft een zorgverzekeringsovereenkomst met gedaagde gesloten waarbij gedaagde een deel van de premies over 2021 en 2022 niet heeft betaald. VGZ vordert betaling van de openstaande premie, wettelijke rente en incassokosten. Gedaagde betwist de hoogte van de achterstand en stelt dat zij betalingen heeft verricht, maar heeft geen betalingsbewijzen overgelegd ondanks gelegenheid daartoe.
De kantonrechter stelt vast dat gedaagde de betalingsachterstand niet heeft kunnen onderbouwen en daarom in het ongelijk wordt gesteld. De hoofdsom van € 892,45 wordt toegewezen met wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding. Daarnaast worden incassokosten en proceskosten aan VGZ toegekend.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van in totaal € 1.091,09 plus rente en kosten. Hiermee wordt het verweer van gedaagde gepasseerd wegens het ontbreken van bewijs van betaling.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige premies, wettelijke rente en proceskosten aan VGZ.