ECLI:NL:RBOVE:2024:1798
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum
De rechtbank Overijssel heeft op 2 april 2024 uitspraak gedaan over het verzoek van verzoekster tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. Verzoekster verkeert in een situatie waarin zij niet meer kan betalen en heeft aangetoond te goeder trouw te zijn geweest bij het ontstaan van haar schulden. Tevens is aannemelijk gemaakt dat zij de verplichtingen uit de regeling zal nakomen.
Daarnaast heeft verzoekster verzocht om een eerdere ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling, namelijk 2 november 2023, vijf maanden voor de datum van de uitspraak. Dit verzoek is gebaseerd op het feit dat zij vanaf november 2023 conform de NVVK-norm maandelijks een bedrag heeft afgedragen, ondanks het ontbreken van afdrachtcapaciteit volgens de wettelijke normen.
De rechtbank heeft geoordeeld dat de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling op 2 november 2023 moet worden vastgesteld, conform artikel 349a lid 1 Faillissementswet, omdat verzoekster gedurende die periode maximaal heeft afgedragen. Tevens zijn de beslagen ten laste van verzoekster door de toepassing van de regeling komen te vervallen. De rechtbank benoemt een rechter-commissaris en stelt de vergoeding van de bewindvoerder voorlopig vast.
Uitkomst: De wettelijke schuldsaneringsregeling wordt toegepast met ingang van 2 november 2023, vijf maanden eerder dan de datum van de uitspraak.