Uitspraak
[eiser], uit [woonplaats], eiser,
het college van burgemeester en wethouders van Hengelo.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
- het bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, lid 1, aanhef en onder a, Wabo);
- het maken van een uitweg (artikel 2.2, lid 1, aanhef en onder e, van de Wabo).
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiser, ten bedrage van € 875, te betalen aan eiser;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 184 aan eiser moet vergoeden.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: wettelijk kader
1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit:
(….)
1. Voor zover ingevolge een bepaling in een provinciale of gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist om:
(….)
1. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, wordt de omgevingsvergunning geweigerd indien:
(….)
2. In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder c, wordt de aanvraag mede aangemerkt als een aanvraag om een vergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, en wordt de vergunning op de grond, bedoeld in het eerste lid, onder c, slechts geweigerd indien vergunningverlening met toepassing van artikel 2.12 niet mogelijk is.
1. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, kan de omgevingsvergunning slechts worden verleend indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en:
indien de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan of de beheersverordening: