Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats 1], Rusland,
wonende te [woonplaats 2],
1.De procedure
2.De feiten
4.De beoordeling
Bevoegdheid en toepasselijk recht
€ 102,00
Rechtbank Overijssel
Eiser had een vordering ingesteld tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het bedrijfspand wegens niet tijdige huurbetaling door gedaagde. Gedaagde betaalde de huur echter binnen een redelijke termijn na dagvaarding, waarna eiser haar vordering bij akte tot nihil verminderde en alleen nog een beslissing over de proceskosten wenste.
De kantonrechter stelde vast dat gedaagde conform de huurovereenkomst pas hoefde te betalen nadat eiser om betaling had verzocht, wat niet eerder dan de dagvaarding is gebeurd. Hierdoor was er geen sprake van tekortkoming of verzuim aan de zijde van gedaagde. De rechtbank oordeelde dat eiser als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten moet worden veroordeeld, omdat zij gedaagde niet eerder de kans gaf om te betalen en aldus de procedure onnodig heeft doen ontstaan.
Ten aanzien van de hoogte van de proceskosten wees de rechtbank de werkelijke advocaatkosten af wegens gebrek aan misbruik van procesrecht en kende zij het liquidatietarief toe. Eiser werd veroordeeld tot betaling van €306 aan proceskosten, met bijkomende kosten bij niet-tijdige betaling. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van €306, met afwijzing van het meer of anders gevorderde.