Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
dat feit heeft getracht te verschaffen,
“Groningen zeurt om poen”.Even hiervoor bericht [medeverdachte 14] aan [medeverdachte 13] en [medeverdachte 12] dat ‘[alias 7]’ later die dag ‘olie’ zegt te hebben. En op 12 augustus 2020, even nadat [medeverdachte 13], [medeverdachte 12] en [medeverdachte 14] via de SKY-ECC spreken over de productie van olie en het afronden van een partij van 120 liter, zegt [medeverdachte 13] tegen [medeverdachte 14] dat hij ‘Groningen’ morgen 10K moet geven. [29]
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, tezamen en in vereniging met anderen, voor te bereiden of te bevorderen, een ander gelegenheid en middelen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De toegepaste wettelijke voorschriften
8.De beslissing
om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, tezamen en in vereniging met anderen, voor te bereiden of te bevorderen, een ander gelegenheid en middelen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen.
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;