Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[eiseres 1] ,
[eiseres 2],
1.De procedure
2.Waar gaat het over?
3.De vorderingen
primair:
4.De feiten
5.De beoordeling
Uiteraard is een andere berekening, benadering of zienswijze ook mogelijk.”
Wellicht is in het verkoopdossier van notaris [naam 2] nog terug te vinden hoe het bedrag van € 70.000 tot stand is gekomen?”. [gedaagde] heeft op dit punt geen aanvullende stukken in het geding gebracht. Uit het e-mailbericht van notarisklerk [naam 3] , dat [eiseressen] c.s. als productie 31 in het geding hebben gebracht en waarnaar [gedaagde] ook verwijst, kan evenmin worden afgeleid dat vader met de betaling van het bedrag van € 70.000,00 het vruchtgebruik heeft afgekocht.
De bezwaarde is verplicht zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen één jaar na mijn overlijden, bij notariële akte een beschrijving op te maken van de verkrijging. De verwachter(s) heeft / hebben het recht op een afschrift van die akte, alsmede op een afschrift van de successie-aangifte en bij behorende gegevens” en verder
De bezwaarde is verplicht jaarlijks aan de verwachter een ondertekende, nauwkeurige opgave te zenden van de goederen die niet meer aanwezig zijn, van de goederen die daarvoor in de plaats zijn gekomen, en van de voordelen die de goederen hebben opgeleverd en die geen vruchten zijn”. Van [gedaagde] mag dus worden verwacht dat zij de administratie van zowel haar eigen vermogen als dat van het bezwaarde vermogen (van erflater) doet. Dat is een verplichting die voortvloeit uit de wet en het testament, die op haar rust na (beneficiaire) aanvaarding van de nalatenschap. Zoals de rechtbank hiervoor al heeft geoordeeld dient de boedelbeschrijving ten tijde van het overlijden van vader te worden uitgebreid met het noteren van twee auto’s, twee elektrische fietsen, laptop en televisie. Vordering II en, IV, V kunnen in zoverre worden toegewezen.
indien mijn echtgenote ter voorziening in haar levensonderhoud aanspraak maakt op een voorziening van overheidswege waarvoor een vermogenstoets wordt gehanteerd”. Naar het oordeel van de rechtbank kan de ontvangst door [gedaagde] van deze zorgtoeslag, die enkele tientjes per maand bedraagt, niet worden aangemerkt als een voorziening ten behoeve van het levensonderhoud van [gedaagde] . De primaire vorderingen onder VII zullen worden afgewezen.