Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
De besloten vennootschap [verdachte] (t.h.o.d.n. [verdachte]) zich op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 15 januari 2021 tot en met
welke diensten waren gericht op de totstandkoming van (een) regeling(en) met betrekking tot de bestaande schuldenlast(en) van de natuurlijke perso(o)n(en), [slachtoffer 1], [slachtoffer 2],
welke schuldenlast(en) geheel of gedeeltelijk voortvloeide(n) uit één of meer krediettransactie(s).
3.De voorvragen
4.De vorderingen van de benadeelde partijen
5.De beslissing
- bepaalt dat de benadeelde partijen niet-ontvankelijk zijn in de vordering;
- bepaalt dat de benadeelde partijen en verdachte de eigen kosten dragen, die ten aanzien van deze vorderingen zijn gemaakt.